ZOMEN
Omzomen deed ik al op verschillende manieren, nu heb ik een manier gevonden die snel en handig werkt.
Als je een zoompje van 2 maal 1 cm moet maken, teken je met een grote geodriehoek een lijn op 2 cm.
Moet je 2 maal 1,5 cm omzomen teken je een lijn op 3 cm.
Je houdt met 1 hand je strijkijzer vast en met je andere hand plooi je TEGEN de lijn. Ik werk zonder speldjes. Ook weer tijd bespaard.
Vind je dit (nog) wat moeilijk dan kan je speldjes steken en daartussen strijken. De speldjes steek je recht naar beneden in je strijkplank.
Het handige is dat je TEGEN de lijn kan plooien, de meesten zetten een lijn op 1 cm en moeten dan OP die lijn vouwen, maar die zit dan eigenlijk verstopt onder je zoom.
Plooi nog eens een cm om en strijk.
Let op dat je éénzelfde naad altijd, boven- en onderaan naar dezelfde kant plooit, anders krijg je een bult in je werk.
Naden van een kledingstuk vouw je altijd in de richting van de rug.
Buitenstof zoom je naar binnen om, voering zoom je naar buiten om, op deze manie is je rokje ook binnenin mooi afgewerkt.
OP DE RAND STIKKEN
Als je op een aantal mm van de rand moet stikken kan je daarvoor je blindzoomvoetje gebruiken. Dat voetje heeft een klein metalen plaatje waartegen je je stof kan geleiden en zo netjes op de rand kan stikken. Heb je zo geen voetje dan probeer je een ander lijntje te volgen, zoek op je naaivoetje een punt dat gemakkelijk te volgen is.
RECHT STIKKEN OP AFSTAND
wil je op bijvoorbeeld 3,5 cm van de rand stikken, dan kan je verschillende toepassingen gebruiken die je helpen om recht te blijven stikken.
- de meeste machines hebben een schaalverdeling, op deze manier kan je gemakkelijk de juiste lijn volgen.
- bij sommige machines zit een geleider. Dat is een haakje dat je kan bevestigen aan je persvoetje. Zet je naald naar beneden en meet het aantal aantal cm dat je wil, schuif je haakje tot daar. Je geleid je stof naast het haakje als je stikt.
- een trukje dat ook prima werkt (mijn vorige machine had geen schaalverdeling en geen geleider, ik deed het toen altijd op deze manier) is een brede, bruine elastiek rond je machine spannen. Als je deze tip gebruikt moet het echt wel de brede zijn anders verschuift hij als je met je stof er langs schuift.
- op pinterest zag ik ooit dat iemand brede, papieren schilderstape op de machine kleefde en daar zelf de schaalverdeling had opgetekend. Persoonlijk vind ik dat niet zo'n goed idee omdat schilderstape gemaakt is om gemakkelijk te verwijderen. Je schuift constant met stof over de tape en dan is dat maar een tijdelijke oplossing vrees ik.
NAADWAARDEN BIJ TEKENEN
Ik maak altijd snijpatronen als ik zelf een patroon over teken, dan kan ik het op de stof spelden en onmiddellijk er rond knippen. Op stof tekenen gaat soms moeilijk.
Ik toon even hoe ik dat doe:
Basis patroon
In de naailes leerde ik het volgende:
Ronde naden = 1 cm
Rechte naden = 2 cm
Zijnaden (en je weet niet of de maat goed zal zijn) = 3 cm zo is er marge om te verbreden indien nodig
Zomen = 3 à 5 cm
Teken eerst de rechte naadwaarden aan.
Ronde naden doe ik met kleine streepjes die ik dan verbind.
Het is ook belangrijk dat je voldoende informatie op je patroon schrijft. Er zijn tekens die je moet overnemen van je patroon, vb het tekentje aan het armsgat, de groene pijl die de draadrichting van de stof aangeeft. De rode accolade betekent dat je het patroon daar op de stofvouw moet leggen.
Daarna schrijf je zelf nog informatie op:
- Uit welk tijdschrift?
- Welk patroon is? Blouse nr... of rok nr...
- Welk patroondeel is het? Zak, mouw, voorzijde, ...
- Welke maat tekende je over?
- Eventuele wijzigingen die je gedaan hebt als je het patroon gebruikt hebt. Pas het patroon steeds mee aan als je iets aan de kleding hebt veranderd. Zo blijft je patroon up to date en is het steeds gebruiksklaar.
Deze informatie is belangrijk als je het patroon in de toekomst nog eens wil gebruiken. Schrijf deze info op elk patroondeeltje, als je map een keertje valt is alles terug gemakkelijk te sorteren. Anders wordt het puzzelen :-( Ik spreek uit ondervinding!
Hebben jullie nog handige tips?